Indicatie
Na verlies van posterieure boventanden treedt pneumatisatie van de sinus maxillaris op: de sinusbodem daalt en het residuale botvolume neemt af. In veel gevallen is directe implantaatplaatsing hierdoor onmogelijk zonder voorafgaande botopbouw. Sinusbodemelevatie is wereldwijd een van de meest uitgevoerde pre-implantologische procedures met een hoge voorspelbaarheid.
Xenogene en synthetische botsubstituten die als scaffold dienen voor botingroei en regeneratie.
Biologische additieven op basis van eigenbloed (A-PRF, S-PRF, i-PRF) voor versnelde wondgenezing en botvorming.
Klinische context
Sinusbodemelevatie bij onvoldoende residuaal bot in de posterieure maxilla na tandverlies.
De keuze tussen een interne (transalveolaire) of externe (laterale) aanpak wordt bepaald door de hoogte van het residuale bot. Bij >5 mm is een interne aanpak met osteotoom of piezosurgery veilig; bij <5 mm is laterale sinusbodemelevatie met preparatie van een lateraal venster geïndiceerd; bij <4 mm wordt een tweefasenprotocol aanbevolen. Botsubstituten met xenogeen granulaat zijn goed gedocumenteerd; A-PRF levert BMP-2 en BMP-7 voor versnelde botvorming in het sinuslumen.