Indicatie
In het posterieure gebied van de bovenkaak neemt het sinusvolume na tandverlies vaak toe ten koste van de alveolaire kam. Het gevolg: onvoldoende restbot voor implantaatplaatsing. Sinusbodemaugmentatie is de meest evidence-based en meest toegepaste oplossing voor dit probleem.
Biologische additieven op basis van eigenbloed (A-PRF, S-PRF, i-PRF) voor versnelde wondgenezing en botvorming.
Materialen voor wondbehandeling en postoperatieve wondgenezing.
Gespecialiseerde instrumenten voor het oogsten, plaatsen en stabiliseren van botgraftmaterialen.
Klinische context
Sinusbodemelevatie bij onvoldoende residuaal bot in de posterieure maxilla na tandverlies.
De resterende bothoogte onder de sinus bepaalt welke chirurgische aanpak je kiest: • > 5 mm restbot → transalveolair (intern) benadering mogelijk • < 5 mm restbot → laterale sinusbodemsplitsing geïndiceerd • < 4 mm restbot → tweefasig protocol, simultane implantaatplaatsing niet aangewezen Bij een sinuslift geeft een xenograft vaak een stabieler langetermijnvolume dan puur autoloog bot, omdat autoloog bot sneller wordt geresorbeerd. Daarom worden xenografts zoals Gen-Os, MP3, Putty of GTO veel gebruikt voor sinusaugmentaties. Autoloog bot heeft daarentegen een hogere biologische activiteit: het bevat levende cellen en groeifactoren, waardoor de initiële botvorming sneller kan verlopen. Het nadeel is dat het volume in de sinus na verloop van tijd sterker kan afnemen door remodellering. In de praktijk zie je daarom vaak: • Xenograft → betere volumestabiliteit en langzame resorptie • Autoloog bot → snellere botaanmaak maar meer volumeverlies • Combinatie van beide → vaak een goede balans tussen osteogenese en stabiliteit Veel clinici gebruiken daarom, indien mogelijk, een mix van autoloog bot met een xenograft om zowel biologische activiteit als langdurige volumebehoud te verkrijgen. Bekende xenografts zijn bijvoorbeeld Gen-Os, mp3, Putty of GTO (OsteoBiol).
Het augmentatiegebied wordt gevuld met een biologisch botsubstituut dat geleidelijk integreert met het sinusbot. Afhankelijk van de restbothoogte en de gekozen protocollen kan implantaatplaatsing simultaan of in een tweede fase plaatsvinden. Bij de laterale benadering wordt de Schneiderse membraan voorzichtig opgeheven en de sinus gevuld zonder tensie.